Reportage

‘Arbeid met afstand hét probleem voor nu en later’

Nancy en Arnoud van Asseldonk realiseerden in Erp een zogenoemd ‘Polenhotel’ voor arbeidskrachten uit het voormalige Oostblokland. Dat verliep niet zonder slag of stoot en duurde uiteindelijk twaalf jaar. “Een goed onderkomen op het bedrijf waar ze werken is de enige manier om problemen te voorkomen.”

DOOR STAN VERSTEGEN

stan.verstegen@reedbusiness.nl

In menige gemeente met veel Poolse arbeidskrachten is een zogenoemd ‘Polenhotel’ onderwerp voor stevige en niet altijd op feiten berustende discussies. 
“De gemiddelde Pool wíl geen rotzooi trappen”, ondervinden Nancy en Arnoud van Asseldonk. “Wel is een goede sociale controle belangrijk. Dat bewerkstellig je vooral door iemand uit hun eigen groep de verantwoording te geven voor het reilen en zeilen binnen de woonomgeving en ze ook zelf te laten zorgdragen voor het wasgoed en het schoonhouden van de ruimten. Bovendien moet je zorgen voor voldoende werk. Als mensen zich vervelen, gaan ze namelijk rare dingen doen.”

Flink wat stapelbedden


In februari openden ‘de Van Asseldonks’ officieel hun ‘Polenhotel’, waar ruimte is voor 250 mensen. “Alleen mogen er volgens de gemeentelijke normen maar 60 mensen slapen. Daarom zitten de mensen verdeeld over 3 slaaplocaties van 60 personen. De maaltijden krijgen ze wél allemaal in de kantine van dit nieuwe gebouw,” vertelt Nancy tijdens haar rondleiding.

Dat nieuwe gebouw bevat, behalve de bedrijfskantine, twee ruime douche/wasgelegenheden, een wasruimte voor kleding met een flinke was- en droogautomaat en op de eerste verdieping verschillende slaapzalen, waarvan er twee in gebruik zijn.

De slaapzalen doen door de hoeveelheid stapelbedden denken aan voormalige jeugdherbergen. Daarnaast is er een verwerkingsruimte waar onder andere de aardbeiplanten gesorteerd, ingepakt en ‘koelklaar’ worden gemaakt, een opslagruimte, een ontspanningsruimte en er zijn een reeks koelcellen voor de opslag van plantmateriaal en winterprei. Alle ruimten verdienen het predicaat ‘groots’.

Allure van een sterrenrestaurant


Begin november is het vrij rustig in de bedrijfskantine, met een keuken van de allure van een sterrenrestaurant. De kok is bezig met een maaltijd voor zo’n 40 personen. Twee oude lijndienstbussen staan ter beschikking om de Poolse werknemers vanaf de werklocatie te vervoeren naar de plek voor versterking van de inwendige mens.

“Dat hebben ze ook nodig. In het verleden zaten hier mensen die alleen maar boterhammen aten, omdat ze niet konden koken. Je zag ze zienderogen afvallen, niet door het werk, maar omdat ze onvoldoende aten”, aldus Arnoud van Assendonk, die toegeeft zelf ook niet veel verder te komen dan het bakken van een eitje of het koken van water…

“De tijd dat ze na hun werk voor hun tentje op een gasstelletje eten zaten te koken, is echt voorbij. Je moet ze tegenwoordig iets kunnen bieden.”

Heel veel te overwinnen


De Polen betalen een vast bedrag voor hun maaltijden. “Waar het echter uiteindelijk om gaat, is wat ze aan het eind van de maand netto overhouden. Gelukkig is de Zloty weer in waarde gestegen, dat maakt het weer wat interessanter voor ze.”

Twaalf jaren waren uiteindelijk nodig om te realiseren wat er nu staat. “In de tussentijd hebben we ze in de loods, buiten in tenten, weer binnen, in caravans en in wooncontainers ondergebracht. Echt geen ideale situaties en we zijn blij dat daar een eind aan is gekomen.

Je moet wel heel veel overwinnen voordat het zover is. De gemeente heeft haar bedenkingen, de provincie stelt regels, de brandweer heeft haar eisen en de mensen in het dorp stonden ook niet meteen te juichen. Toch denk ik dat dit voor iedereen de beste oplossing is en dat dit de toekomst wordt, tenminste voor bedrijven van onze omvang die jaarrond personeel nodig hebben. De gemeente Veghel is op een gegeven moment gelukkig ook tot die conclusie gekomen. Ze hadden ook kunnen kiezen voor een ‘Polenhotel’ waar mensen wonen die in verschillende sectoren werken. Juist dan is de sociale controle minder en heb je meer kans op problemen”, stelt van Asseldonk.

Geen blaaspijpjes op maandagmorgen


Bezoekers vragen zich wel regelmatig af hoe de bewoners de mate van privacy ervaren die ze hebben, vertelt Nancy. “Daar is inderdaad maar in beperkte mate sprake van. Aan de andere kant wonen ze hier maar twee maanden. Dat is te overzien. Bovendien, als je allemaal aparte kamertjes bouwt, zijn de kosten veel hoger. Mocht er behoefte aan meer privacy zijn, dan kunnen we altijd nog tussenwandjes plaatsen.” Tot problemen leidde het tot nu toe in elk geval niet. “Overal gebeurt wel eens wat, maar door de sociale controle worden mensen aangesproken als ze buitensporig gedrag vertonen. Met drugs hebben we hier nog nooit van doen gehad, drankgebruik wel, maar daar hebben we huisregels voor en die kent iedereen. Ik weet dat er telers zijn die op maandagochtend met een blaaspijpje klaar staan, maar als het zo moet…”

Vlag van de bank in de nok


De investering die Van Asseldonk moest doen om de Polen te huisvesten, werd gefinancierd door de Rabobank. “Het plaatje dat eronder ligt, is anders dan bij investeren in een machine. Dan bereken je hoeveel arbeidsbesparing die investering oplevert en in hoeveel tijd je de investering terugverdient. In dit geval ziet de bank ook dat wij personeel nodig hebben en dat daar voorzieningen voor moeten zijn om ze te krijgen en te behouden. Zo niet, dan hebben wij (en zij) een probleem. De vlag van de bank hangt dan ook in de nok van het gebouw”, voegt Van Asseldonk er nog gekscherend aan toe.


Buitenlandse arbeidskrachten blijvend


Vooralsnog hebben ‘de Van Asseldonks’ geen problemen om voldoende Poolse arbeidskrachten aan te trekken, maar dat kan in de toekomst veranderen. “Een Poolse handelspartner regelt voor ons de personeelswerving tot en met de oogst. Tot nu toe is dat altijd naar volle tevredenheid verlopen. Ik kan me wel voorstellen dat er binnen een aantal jaren geen of onvoldoende Polen meer beschikbaar zijn, maar dan zullen bijvoorbeeld Russen of Chinezen het stokje overnemen. We zullen het in ieder geval blijvend van buitenlandse arbeidskrachten moeten hebben. Hoewel de sector op het gebied van gewasbescherming, bemesting en regelgeving het nodige te verduren heeft, blijft arbeid voor mij met afstand hét probleem voor nu en later.”

Bedrijfsgegevens



Naam: Het Broek Softfruit BV

Vennoten: Nancy en Arnoud van Asseldonk

Locatie: Veghel

Gewassen: 110 hectare aardbeivermeerdering (verse-, A+-, wachtbed- en trayplanten), 40 hectare prei (november tot begin mei), 11 hectare aardbei op stellingen, 7 hectare aardbei normaalteelt, 19,5 hectare productie framboos/braam/rode bes, 13,5 hectare vermeerdering framboos/braam (containerteelt), 20 hectare productie blauwe bes (16,5 hectare aangelegd in 2008).

Arbeid: 7 vaste arbeidskrachten, 50 tot 250 Poolse arbeidskrachten voor productiewerk. Gewasverzorging in eigen beheer, overige werk door loonwerker Van Laarhoven (Beek en Donk).

Afzet: EFT (Donkerbroek), Gebrs. van Aarle (Schijndel). Afzet plantmateriaal aardbei, framboos en braam in eigen beheer naar vooral Engeland, Schotland, Ierland, Duitsland en Nederland.

Rassen plantmateriaal: Aardbei: Elsanta (75 procent), Sonata en doordragers Driscoll’s. Framboos: Tulameen en Glen Amplelongcanes. Braam: Loch Ness en Loch Tay longcanes.

Ads door Gooooooogle